We eten veel meer zout dan we denken (en dat komt niet door het zoutvaatje)
Een snuf in het pastawater, nog eentje door de saus en voor het eten voor de zekerheid even met het zoutvaatje over je bord. We zijn behoorlijk gewend geraakt aan zout. Zó gewend zelfs dat veel Nederlanders denken prima bezig te zijn, terwijl ze in werkelijkheid meer binnenkrijgen dan wordt aanbevolen.
Volgens onderzoek dat azijnmaker Tromp & Rueb liet uitvoeren in samenwerking met de Nierstichting, denkt bijna 70 procent van de Nederlanders gezond met zout om te gaan. Tegelijkertijd blijft volgens de onderzoekers slechts 27 procent binnen de aanbevolen hoeveelheid.
Voor volwassenen geldt het advies om maximaal 6 gram zout per dag te eten. En daar gaan veel Nederlanders overheen. Het Voedingscentrum schat dat ongeveer 90 procent van de mannen en 60 procent van de vrouwen meer binnenkrijgt dan die hoeveelheid.\
Het meeste zout strooi je niet zelf
De zoutmolen is bovendien maar een deel van het verhaal. Ongeveer 80 procent van het zout dat we eten zit al in producten voordat ze onze keuken binnenkomen. Denk aan brood, kaas, vleeswaren, sauzen, soepen, pizza en kant-en-klaarmaaltijden. Slechts ongeveer een vijfde voegen we zelf toe tijdens het koken of aan tafel.
Waarom zijn sommige soorten zout duur – en is dat het waard?
Daardoor kun je nauwelijks met het zoutvaatje koken en tóch behoorlijk hoog uitkomen. Tromp & Rueb zag tegelijkertijd dat zout toevoegen voor veel mensen een automatisme is. Bijna de helft van de ondervraagden voegt standaard zout toe tijdens het koken en ongeveer één op de zes strooit aan tafel zelfs al voordat er geproefd is.
Minder zout hoeft niet flauw te betekenen
En dan komt het probleem: zout maakt eten nu eenmaal lekkerder. Een derde van de ondervraagden denkt dan ook dat minder zout automatisch minder smaak betekent. Dat hoeft gelukkig niet zo te zijn.
Zuur is bijvoorbeeld een van de handigste manieren om een gerecht meer spanning te geven zonder meteen opnieuw naar het zoutvaatje te grijpen. Citroensap kennen we daarvoor allemaal, maar natuurazijn kan hetzelfde doen. Een klein scheutje maakt smaken frisser en kan ervoor zorgen dat een gerecht minder vlak aanvoelt.
Dat is niet alleen een verkooppraatje van een azijnproducent. Sensorisch onderzoek laat zien dat azijn invloed kan hebben op hoe we zout waarnemen: in een studie werden lagere concentraties zout makkelijker herkend wanneer azijn aanwezig was.
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.culy.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2013%2F09%2FAzijn.jpeg)
Zout versus azijn
Tromp & Rueb testte dat zelf met ruim 1.300 mensen. Zij kregen blind twee soorten hummus: één met zout en één zonder toegevoegd zout, waarbij azijn voor extra smaak moest zorgen.
Zout won, maar bepaald niet met straatlengte. 57 procent koos voor de gezouten hummus en 43 procent voor de variant met azijn. Veel deelnemers vonden beide versies lekker.
Dat is misschien wel de nuttigste conclusie. Je hoeft zout niet volledig uit een gerecht te verbannen, maar je hoeft er ook niet alle smaak vandaan te halen.
Proef eerst. Mist er iets? Kijk dan voordat je opnieuw zout toevoegt eens naar zuur, verse kruiden, specerijen, knoflook, geroosterde smaken of een klein beetje bitterheid.
Want zes gram zout per dag klinkt behoorlijk ruim, totdat je beseft dat een groot deel daarvan al op is voordat het zoutvaatje überhaupt op tafel verschijnt.
Deze producten kocht de Culy-redactie deze maand
Vier must-haves volgens onze receptschrijvers:
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.culy.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F07%2F2514fe7d.jpg)
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.culy.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2026%2F09%2FMaldon-zout-namaken-e1788888135211.jpg)
:format(jpeg):background_color(fff)/https%3A%2F%2Fwww.culy.nl%2Fwp-content%2Fuploads%2F2018%2F09%2Fpexels-photo-6294419-e1625814868815.jpeg)