Waar komt de Michelinster eigenlijk vandaan? Een korte geschiedenis

Op Culy schrijven we er regelmatig over: sterrenrestaurants. Restaurants die voortreffelijke gerechten serveren en daar ook erkenning voor krijgen – die het gemaakt hebben. Maar waar komt de Michelinster eigenlijk vandaan? Zo op het eerste gezicht zou je haute cuisine immers niet associëren met dat dikke poppetje van de bandenproducent.

Michelin is inderdaad een bandenproducent, al ruim een eeuw lang. Eind negentiende eeuw richtten de broers Édouard en André Michelin de rubberfabriek op. En wat is de enige relatie tussen autobanden en restaurants? Juist: eten onderweg.

De Michelingids, ‘pour les chauffeurs et les vélocipédistes‘, is in 1900 dan ook ontwikkeld voor mensen die on the road waren. Er stond onder andere informatie in over bijvoorbeeld tankstations. Nog niet veel mensen hadden een auto, maar de broers hoopten dat de gratis gidsen daar verandering in zouden brengen en ze meer banden konden verkopen.

Van autobanden naar restaurants

Pas in 1923 kwamen er restaurants in het boekje te staan, voor mensen die tussendoor wat wilden eten. Niet in een chique restaurant dus, maar vooral in een betaalbaar tentje op een praktische locatie. De Michelinster zelf kwam er in 1926 bij, en jaren later ook de tweede en derde ster.

Die hadden toen nog niet de betekenis zoals wij ‘m nu kennen: één ster betekende dat je ergens veilig kon eten, twee sterren dat het restaurant een aanrader was als je er toevallig langs reed, drie sterren dat je er ook wel zo’n 30 kilometer voor om kon rijden. Zonder Michelinster was je toen dus eigenlijk niets. Voor Michelin zelf waren de sterren handig omdat omwegen ervoor zorgden dat de banden sneller zouden verslijten, en mensen dus eerder nieuwe moesten kopen.

Poster met Michelin-mannetje dat een toost maakt

De Michelinster in Nederland

In het begin werd de Michelingids alleen in Frankrijk gemaakt: er werden bijvoorbeeld ook gidsen per regio uitgebracht, met bezienswaardigheden en restaurants erin. Pas in 1957 kwam de Franstalige Guide Michelin Benelux, waarin ook twee Amsterdamse restaurants stonden.

Nu hebben de sterren natuurlijk een heel andere betekenis. Een restaurant verdient één ster als de keuken ‘uitstekend is in zijn categorie’. Om het nog even aan het on the road-principe te linken: een sterrenrestaurant zou een goede stop zijn onderweg. Bij twee sterren is een plek de moeite waard om een omweg te maken, vaak omdat er bijzondere gerechten worden geserveerd. Drie sterren betekent verrukkelijk eten en een tripje op zich.

In Nederland zijn er echter maar drie restaurants met drie sterren – de bekendste is De Librije. En of je er nu wel of niet ooit bent geweest: je kunt je ongetwijfeld voorstellen dat dat de reis zéker waard is. Dan maar meer versleten banden.

Restaurants met een Michelinster:

De Librije
Reageer op artikel:
Waar komt de Michelinster eigenlijk vandaan? Een korte geschiedenis
Sluiten