Winnie Verswijvel
Winnie Verswijvel Inspiratie gisteren
Leestijd: 3 minuten

Alles over crosne: de groente die je wil kennen als je van artisjok houdt

Als artisjokliefhebbers werd onze aandacht laatst gewekt door crosne: een knolgroente die ook als ‘Chinese artisjok’ door het leven gaat. Het meest elegante uiterlijk heeft de groente niet, de meest verfijnde smaak blijkbaar wél. 

Tijd om dit verder te onderzoeken!

Wat is crosne?

Crosne is een kleine, crèmekleurige knolgroente met een grillige vorm die doet denken aan een rups. De roots van Crosne liggen in het noorden van China, waar het al eeuwen op grote schaal wordt geteeld. In 1878 bracht een Franse botanicus de plant voor het eerst naar Europa en omdat de Chinese naam voor Fransen moeilijk was, vernoemde hij het knolletje simpelweg naar zijn woonplaats: het dorpje Crosne, even buiten Parijs.

Tussen 1890 en 1920 was crosne nog populair in Frankrijk. Daarna kreeg de populariteit een terugval; aardappelen en andere knollen bleken simpelweg makkelijker te telen en te verwerken. Toch duikt het vandaag weer steeds vaker op in hippe restaurants, op markten en bij gespecialiseerde groenteboeren.

Hoe smaakt crosne?

Crosne zit in hetzelfde hoekje als artisjok en aardpeer, iets waarmee je onze nieuwsgierigheid weet te wekken. Van aardpeer heeft het die zachte, nootachtige smaak – van artisjok een subtiel zuurtje. Tegelijk heeft het ook iets van een nieuwe aardappel. En wie die laatste weleens gehad heeft, weet: weinig dingen zijn lekkerder.

Dan de textuur, iets wat ook weer geprezen wordt. Dat zit ‘m vooral in de knapperigheid; rauw blijkt de groente immers te knappen als radijs. Alles samengenomen is crosne dus verfijnd en delicaat qua smaak, met een spetterende textuur die alles wat spannender maakt.  

Wat kun je ermee maken?

Spiekend bij Chinese chefs valt meteen één ding op: crosne is daar erg populair als inmaakgroente. Dat hoeft niet te verbazen: niet alleen zorgen de zuren voor smaak, het haalt ook de van nature aanwezige knapperigheid naar boven.  

Een goed idee om de groente te laten shinen dus, maar je kunt er ook andere kanten mee uit. Crosne laat zich bijvoorbeeld ook goed roerbakken, waardoor het een perfecte component wordt voor salades of bijgerechten. 

Zo pak je het aan

Wat roerbakken betreft, geldt er één advies: bak de groente niet te lang. Door zijn dunne structuur heeft crosne maar kort hitte nodig; 2 tot 4 minuten op hoog vuur is genoeg voor een goudbruin resultaat, zonder dat de bite verloren gaat. Te lang bakken maakt crosne zacht en dat is wat je hier wilt vermijden.

Ook goed om te weten: crosne heeft door zijn kronkelige vorm de neiging om zand vast te houden. Spoel ze daarom eerst goed af onder koud stromend water en wrijf ze eventueel met grof zout in een kom om het zand los te krijgen. Een korte weekbeurt in water met een scheutje azijn kan ook helpen. Dep ze daarna goed droog voor je ze bereidt – zeker als je ze gaat roerbakken – zodat ze mooi kunnen kleuren in de pan.

Hier vind je crosne

Onze voorspelling is dat je crosne steeds vaker gaat zien in (gespecialiseerde) groentewinkels en op de markt. Tot die tijd kun je in België geteelde crosne bestellen via Groentebroer en is de kans groot dat je ze bij de toko spot.

Wij zetten een crosneprojectje bij deze op onze culinaire wishlist. We houden je op de hoogte!

De favoriete producten van de maand van de redactie!


Foutje gezien? Mail ons! Jouw feedback maakt Culy nóg lekkerder.

De lente komt eraan! Kook mee met Culy 🌻

Van verfijnde voorgerechten tot magische desserts, ontvang dagelijks ons recept van de dag.